Naar hoofdinhoud
1. Deze Overeenkomst doet op geen enkele wijze afbreuk aan andere internationale overeenkomsten of nationale regels die van kracht zijn in de staten die partij zijn die grotere voordelen toekennen dan de voordelen die door deze Overeenkomst worden toegekend. 2. De staten die partij zijn bij deze Overeenkomst die tevens partij zijn bij de Regionale Overeenkomst inzake de erkenning van studies en diploma's op het gebied van het hoger onderwijs in Latijns-Amerika en in het Caraïbische gebied van 1974 (hierna te noemen „de Overeenkomst van 1974”): passen de bepalingen van deze Overeenkomst toe in hun wederzijdse betrekkingen; blijven de Overeenkomst van 1974 toepassen in hun betrekkingen met elke andere staat die partij is bij de Overeenkomst van 1974 en geen staat is die partij is bij deze Overeenkomst. 3. De staten die partij zijn bij deze Overeenkomst verbinden zich ertoe geen partij te worden bij de Overeenkomst van 1974 indien zij nog geen partij zijn bij die Overeenkomst.

Rechtspraak bij dit artikel