Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK I

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Verdrag van Vriendschap en Samenwerking in Zuidoost-Azië· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 3 augustus 2022

In hun onderlinge betrekkingen worden de Hoge Verdragsluitende Partijen geleid door de volgende fundamentele beginselen: wederzijds respect voor de onafhankelijkheid, soevereiniteit, gelijkwaardigheid, territoriale integriteit en nationale identiteit van alle staten; het recht van elke staat op een nationaal bestaan zonder bemoeienissen, subversie of dwang van buitenaf; niet-inmenging in de binnenlandse aangelegenheden van een ander land; beslechting van geschillen of disputen met vreedzame middelen; afzien van de dreiging met en gebruik van geweld; doeltreffende onderlinge samenwerking.

Rechtspraak bij dit artikel