**1.** Het militaire Personeel van de Zendstaat mag enkel in het kader van het uitvoeren van Militaire Activiteiten wapens en munitie in bezit hebben en dragen op het grondgebied van de Ontvangende Staat, op voorwaarde dat het hiertoe op grond van de wet- en regelgeving van de Zendstaat gerechtigd is, en onder voorbehoud van voorafgaande afspraken met de autoriteiten van de Ontvangende Staat.
**2.** Het militaire Personeel van de Zendstaat mag wapens en munitie gebruiken in overeenstemming met de wet- en regelgeving van de Ontvangende Staat, en alleen ten behoeve van het uitvoeren van Militaire Activiteiten op locaties die specifiek voor dit gebruik bedoeld zijn door de Ontvangende Staat. Deze locaties worden overeengekomen door de desbetreffende autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen.
**3.** De wapens en munitie worden opgeslagen en bewaakt in overeenstemming met de wet- en regelgeving van de Ontvangende Staat.
**4.** Het militaire Personeel mag tijdens het uitvoeren van Militaire Activiteiten zijn nationale militaire uniform dragen.
**5.** De Ontvangende Staat beveiligt het Personeel en de uitrusting van de Zendstaat zoals vereist en zoals overeengekomen tussen de desbetreffende autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen.
Artikel VII
Wapens, beveiliging en uniformen
Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Staat Israël inzake de status van hun strijdkrachten· Staats- en bestuursrecht