**1.** Wijzigingen van dit protocol kunnen worden voorgesteld door iedere partij bij dit protocol en worden door de secretaris-generaal van de Raad van Europa meegedeeld aan de lidstaten van de Raad van Europa, aan de partijen bij en ondertekenaars van het verdrag, alsmede aan iedere staat die uitgenodigd is toe te treden tot het verdrag.
**2.** Iedere door een partij voorgestelde wijziging wordt meegedeeld aan het Europees comité voor strafrechtelijke vraagstukken (CDPC), dat zijn advies over de voorgestelde wijziging voorlegt aan het Comité van Ministers.
**3.** Het Comité van Ministers onderzoekt de voorgestelde wijziging en het door het CDPC voorgelegde advies en kan, na raadpleging van de partij bij het verdrag, de wijziging aannemen.
**4.** De tekst van elke door het Comité van Ministers overeenkomstig lid 3 goedgekeurde wijziging wordt aan de partijen bij dit protocol ter aanvaarding toegezonden.
**5.** Iedere overeenkomstig lid 3 aangenomen wijziging treedt in werking dertig dagen nadat alle partijen de secretaris-generaal hebben meegedeeld dat zij de wijziging hebben aanvaard.
HOOFDSTUK IV
Artikel 21
– Wijzigingen
Onderdeel van Tweede aanvullend protocol bij het Verdrag inzake de bestrijding van strafbare feiten verbonden met elektronische netwerken, inzake nauwere samenwerking en verstrekking van elektronisch bewijsmateriaal· Strafrecht