Naar hoofdinhoud
1. De Partijen zorgen voor tijdige openbare kennisgeving van een geplande activiteit, onder meer door publicatie via het uitwisselingsmechanisme en via het Secretariaat, en voor geplande en effectieve tijdsgebonden mogelijkheden, voor zover praktisch haalbaar, voor deelname aan de milieueffectbeoordeling voor alle staten, met name aangrenzende kuststaten en andere staten die grenzen aan de activiteit en mogelijk de meeste gevolgen hiervan ondervinden, en voor alle belanghebbenden. Kennisgeving en mogelijkheden voor deelname, onder meer door het indienen van opmerkingen, vinden plaats tijdens het gehele milieueffectbeoordelingsproces, in voorkomend geval ook wanneer de reikwijdte en het detailleringsniveau van een milieueffectbeoordeling overeenkomstig artikel 31, lid 1, sub b), worden vastgesteld en wanneer een ontwerp-milieueffectrapport is opgesteld overeenkomstig artikel 33, voordat een besluit wordt genomen over het al dan niet verlenen van toestemming voor de activiteit. 2. De potentieel meest getroffen staten worden bepaald door rekening te houden met de aard en de potentiële gevolgen van de geplande activiteit op het mariene milieu en omvatten: kuststaten waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat de uitoefening van soevereine rechten met het oog op de exploratie, de exploitatie, het behoud of het beheer van natuurlijke bronnen door de activiteit wordt beïnvloed; staten die op het gebied van de geplande activiteit menselijke activiteiten verrichten, met inbegrip van economische activiteiten, waarvan redelijkerwijs mag worden aangenomen dat zij worden getroffen. 3. Belanghebbenden bij dit proces zijn onder meer inheemse volken en lokale gemeenschappen met relevante traditionele kennis, relevante mondiale, regionale, subregionale en sectorale organisaties, het maatschappelijk middenveld, de wetenschappelijke gemeenschap en het publiek. 4. Wanneer het kleine eilandstaten in ontwikkeling betreft, moeten de openbare kennisgeving en raadpleging overeenkomstig artikel 48, lid 3, inclusief en transparant zijn, tijdig uitgevoerd worden en gericht en proactief zijn. 5. Inhoudelijke opmerkingen die tijdens het raadplegingsproces worden ontvangen, ook van aangrenzende kuststaten en andere staten die grenzen aan de geplande activiteit wanneer zij potentieel meest getroffen staten zijn, worden in overweging genomen en door de Partijen behandeld. De Partijen houden in het bijzonder rekening met opmerkingen over mogelijke gevolgen in gebieden binnen de nationale rechtsmacht en dienen zo nodig schriftelijke antwoorden in, waarin specifiek wordt ingegaan op dergelijke opmerkingen, onder meer met betrekking tot eventuele aanvullende maatregelen om die potentiële effecten aan te pakken. De Partijen maken de ontvangen opmerkingen en de antwoorden of beschrijvingen van de wijze waarop deze zijn behandeld openbaar. 6. Wanneer een geplande activiteit gevolgen heeft voor gebieden op volle zee die volledig omgeven zijn door de exclusieve economische zones van staten, doen de Partijen het volgende: zij plegen met deze omringende staten gericht en proactief overleg, met inbegrip van voorafgaande kennisgeving; zij houden rekening met de standpunten en opmerkingen van de omringende staten over de geplande activiteit en verstrekken schriftelijke antwoorden waarin specifiek wordt ingegaan op die standpunten en opmerkingen, en, in voorkomend geval, passen zij de geplande activiteit dienovereenkomstig aan. 7. De Partijen zorgen voor toegang tot informatie met betrekking tot het milieueffectbeoordelingsproces in het kader van deze Overeenkomst. Desondanks zijn de Partijen niet verplicht vertrouwelijke of gepatenteerde informatie openbaar te maken. Het feit dat vertrouwelijke of bedrijfseigen informatie is bewerkt, wordt vermeld in openbare documenten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel