Naar hoofdinhoud
1. Bij omzetting van een veroordeling zijn de in het nationale recht van de tenuitvoerleggende staat die partij is voorziene procedures van toepassing. Bij omzetting van de veroordeling: zijn de bevoegde autoriteiten gebonden aan de vaststelling van de feiten voor zover deze uitdrukkelijk of impliciet blijken uit het door de staat van veroordeling uitgesproken vonnis; kunnen de bevoegde autoriteiten een sanctie die vrijheidsbeneming met zich meebrengt niet in een geldstraf omzetten; brengen de bevoegde autoriteiten de volledige periode van de door de gevonniste persoon reeds ondergane vrijheidsbeneming in mindering; verzwaren de bevoegde autoriteiten de strafrechtelijke positie van de gevonniste persoon niet; zijn de bevoegde autoriteiten niet gebonden door enig minimum waarin het nationale recht van de tenuitvoerleggende staat die partij is kan voorzien voor het gepleegde misdrijf of de gepleegde misdrijven. 2. Indien de omzettingsprocedure plaatsvindt na de overbrenging van de gevonniste persoon, houdt de tenuitvoerleggende staat die partij is de gevonniste persoon in hechtenis of neemt andere maatregelen teneinde diens aanwezigheid in de tenuitvoerleggende staat die partij is te verzekeren, in afwachting van de afloop van die procedure.

Rechtspraak bij dit artikel