Naar hoofdinhoud

DEEL II › TITEL II

Artikel 18

Non-proliferatie van massavernietigingswapens

Onderdeel van Partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de leden van de Organisatie van Staten in Afrika, het Caribisch Gebied en de Stille Oceaan, anderzijds· Financieel en economisch recht

1. De Partijen erkennen dat de proliferatie van massavernietigingswapens en de overbrengingsmiddelen daarvoor, onder zowel overheids- als niet-overheidsactoren, een van de ernstigste bedreigingen vormt voor de internationale stabiliteit en veiligheid. De Partijen komen daarom overeen samen te werken in, en bij te dragen tot, de strijd tegen de proliferatie van massavernietigingswapens en de overbrengingsmiddelen daarvoor, door hun bestaande verplichtingen op grond van de internationale ontwapenings- en non-proliferatieverdragen en -overeenkomsten en andere toepasselijke internationale verplichtingen op dit gebied ten volle na te leven en intern uit te voeren. De Partijen komen overeen dat deze bepaling een essentieel onderdeel van deze Overeenkomst vormt. 2. De Partijen komen tevens overeen samen te werken in de strijd tegen de proliferatie van massavernietigingswapens en de overbrengingsmiddelen daarvoor: ten eerste door maatregelen te nemen die gericht zijn op de ondertekening of ratificatie van of de toetreding tot, naargelang het geval, alle toepasselijke internationale instrumenten, en op de volledige uitvoering en naleving daarvan; ten tweede door een effectief stelsel van uitvoercontroles in te stellen en te handhaven met het oog op de controle op de uitvoer en doorvoer van goederen die betrekking hebben op massavernietigingswapens, met inbegrip van de controle op eindgebruik van technologieën voor tweeërlei gebruik als massavernietigingswapen, en dat effectieve sancties op overtreding van de uitvoercontroles omvat; en ten derde door samen te werken in multilaterale fora en in het kader van uitvoercontroleregelingen. 3. De Partijen komen overeen een regelmatige partnerschapsdialoog in te stellen tot aanvulling en consolidering van hun samenwerking in de strijd tegen de proliferatie van massavernietigingswapens en de overbrengingsmiddelen daarvoor. 4. Aangezien chemische, biologische, radiologische en nucleaire risico’s een sterk ontwrichtend effect kunnen hebben op samenlevingen en aangezien deze risico’s het gevolg kunnen zijn van criminele activiteiten, waaronder illegale proliferatie, smokkel, terrorisme, ongevallen of natuurrampen, zoals pandemieën, werken de Partijen samen om de institutionele capaciteit om deze risico’s te beperken, te versterken.

Rechtspraak bij dit artikel