**1.** De EU herbevestigt haar politieke wil om de middelen voor ontwikkelingssamenwerking te verhogen met het oog op de verwezenlijking van duurzame ontwikkeling, met name door armoede uit te bannen en aantasting van het milieu en de klimaatverandering te bestrijden. De EU verbindt zich ertoe het passende niveau van financiële middelen beschikbaar te stellen in overeenstemming met haar interne voorschriften en procedures.
**2.** De Partijen komen overeen dat bij de toewijzing van middelen prioriteit moet worden gegeven aan de meest behoeftige landen, waar deze middelen het meeste effect kunnen hebben, met name de minst ontwikkelde landen, lage-inkomenslanden, landen in een crisis- of conflictsituatie, in een zwakke of kwetsbare situatie na een crisis en/of conflict, met inbegrip van kleine eilandstaten in ontwikkeling en niet aan zee gelegen ontwikkelingslanden. Daarnaast wordt de nodige aandacht besteed aan de specifieke problemen waarmee middeninkomenslanden worden geconfronteerd, met name in verband met ongelijkheid, sociale uitsluiting en hun toegang tot hulpbronnen.
**3.** De EU mobiliseert middelen voor de ondersteuning van programma’s in staten in Afrika, het Caribisch gebied en het gebied van de Stille Oceaan en draagt bij aan regionale, interregionale en intercontinentale samenwerking en initiatieven die tot doel hebben de samenwerking tussen de Partijen op onderwerpen van wederzijds en gemeenschappelijk belang te versterken.
**4.** De Partijen komen overeen dat de samenwerking verschillende vormen kan aannemen, zoals programma’s ter ondersteuning van het sectoraal beleid, maatregelen voor administratieve en technische samenwerking, capaciteitsopbouw en driehoeksregelingen, en dat zij kan worden verleend via verschillende soorten financiering en procedures, waaronder begrotingssteun, begrotingsgaranties en blendingverrichtingen.
**5.** De EU en de verder gevorderde OACPS-leden verbinden zich ertoe nieuwe vormen van samenwerking te ontwikkelen, waaronder innovatieve financiële instrumenten en cofinanciering.
**6.** De Partijen werken samen en bevorderen het gebruik van financiële middelen om het mobiliseren van binnenlandse middelen te bevorderen, humanitaire en noodhulp te verlenen, onvoorziene omstandigheden, nieuwe behoeften of nieuwe problemen aan te pakken, de handel te vergemakkelijken en internationale initiatieven of prioriteiten te bevorderen.
**7.** De Partijen komen overeen dat elk besluit om begrotingssteun te verlenen:
op een duidelijke reeks subsidiabiliteitscriteria en een zorgvuldige beoordeling van de risico’s en voordelen gebaseerd moet zijn;
op de eigen verantwoordelijkheid van het land, wederzijdse verantwoordingsplicht en de gezamenlijke gehechtheid aan universele waarden en beginselen gebaseerd moet zijn;
een versterkte beleidsdialoog en beter bestuur en aanvullende inspanningen om meer te innen en beter te besteden moet omvatten; en
zodanig gedifferentieerd moet zijn dat beter wordt ingespeeld op de politieke, economische en sociale context van het begunstigde land.
**8.** De Partijen komen overeen de voorspelbaarheid en veiligheid van de middelenstromen te bevorderen en hun inspanningen op te voeren om de wijze waarop zij ontwikkelingssamenwerking beheren en uitvoeren, verder te verbeteren, met name aan de hand van meer coördinatie en samenhang en door rekening te houden met hun respectieve comparatieve voordelen, waaronder ervaringen op het gebied van transitie.
**9.** De Partijen komen overeen de programmering te baseren op een vroegtijdige, continue en inclusieve dialoog tussen de EU en de OACPS-leden, met inbegrip van nationale en lokale autoriteiten, regionale, continentale en internationale organisaties, parlementen, het maatschappelijk middenveld, de private sector en andere belanghebbenden, om de democratische betrokkenheid bij het proces te vergroten en steun voor nationale en regionale strategieën aan te moedigen. Zij komen overeen de programmering in voorkomend geval af te stemmen op de strategische cycli van de begunstigden en verbinden zich ertoe gebruik te maken van hun instellingen, systemen en procedures. Zij komen tevens overeen dat de programmering een specifiek, op maat gesneden meerjarenkader voor samenwerking moet bieden, met inbegrip van gediversifieerde middelen voor samenwerking.
**10.** De Partijen komen overeen dat samenwerking met derde landen en andere actoren, met inbegrip van Zuid-Zuid- en trilaterale samenwerking, moet worden aangemoedigd in geval van duidelijke meerwaarde en een bewezen comparatief voordeel.
**11.** De Partijen kunnen besluiten om op een voor beide Partijen aanvaardbaar tijdstip een evaluatie uit te voeren van het beheer en de impact van de financiële middelen om de doeltreffendheid van de programmering en de toewijzing van de steun te verbeteren.
**12.** De Partijen versterken de dialoog en de samenwerking voor een goed gebruik van de financiële middelen, onder meer door middel van samenwerking met het Europees Bureau voor fraudebestrijding waar nodig.
DEEL IV
Artikel 82
Internationale ontwikkelingssamenwerking
Onderdeel van Partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de leden van de Organisatie van Staten in Afrika, het Caribisch Gebied en de Stille Oceaan, anderzijds· Financieel en economisch recht