**1.** Indien na de inontvangstneming van de goederen door de vervoerder blijkt dat het vervoer of de aflevering niet volgens de overeenkomst kan worden uitgevoerd, vraagt de vervoerder instructies aan de rechthebbende of, indien de omstandigheden de aflevering verhinderen, aan de afzender. In afwijking van de eerste zin vraagt de vervoerder de geadresseerde om instructies indien, nadat de goederen het land van bestemming hebben bereikt, blijkt dat het vervoer niet volgens de vervoerovereenkomst kan worden uitgevoerd.
**2.** Indien de geadresseerde de instructie heeft gegeven de goederen aan een andere persoon te leveren, is het eerste lid van dit artikel van toepassing als ware de geadresseerde de afzender en de andere persoon de geadresseerde.
**3.** Indien omstandigheden die het vervoer verhinderen kunnen worden vermeden door wijziging van de route, beslist de vervoerder of een wijziging moet worden aangebracht of dat het in het belang is van de persoon die gerechtigd is hem om instructies te vragen.
**4.** Indien omstandigheden die de aflevering verhinderen ophouden te bestaan vóór het binnenkomen van de instructies van de afzender aan de vervoerder, worden de goederen afgeleverd aan de geadresseerde. De afzender wordt onverwijld in kennis gesteld.
HOOFDSTUK 2
Artikel 17
Omstandigheden die vervoer en aflevering belemmeren
Onderdeel van Verdrag inzake de overeenkomst van internationaal spoorwegvervoer van goederen· Arbitrage