**1.** Vorderingen met betrekking tot de vervoerovereenkomst moeten in tekstvorm (bijvoorbeeld e-mail) worden gericht aan de vervoerder tegen wie een vordering kan worden ingesteld.
**2.** Een vordering kan worden ingesteld door een persoon die gerechtigd is een vordering in te stellen tegen de vervoerder. De noodzaak om een vordering buiten rechte tegen de vervoerder in te stellen alvorens naar de rechter te stappen, blijft onderworpen aan het toepasselijke nationale recht waarin de vordering wordt ingesteld.
**3.** Wanneer de persoon die gerechtigd is een vordering in te stellen tegen de vervoerder de afzender is, moet hij het origineel van de vrachtbrief overleggen. Bij gebreke daarvan moet hij een vergunning van de geadresseerde overleggen of het bewijs leveren dat de geadresseerde heeft geweigerd de goederen in ontvangst te nemen. Zo nodig moet de afzender aantonen dat het origineel van de vrachtbrief niet aanwezig was of verloren is gegaan.
**4.** Wanneer de persoon die gerechtigd is een vordering in te stellen tegen de vervoerder de afzender is, moet hij het origineel van de vrachtbrief overleggen dat de goederen vergezelt indien deze aan deze persoon is overhandigd.
**5.** De vrachtbrief en alle andere documenten die de persoon die gerechtigd is om een vordering in te stellen tegen de vervoerder geschikt acht om samen met de vordering in te dienen, moeten hetzij in het origineel, hetzij in afschriften worden overgelegd, in voorkomend geval naar behoren gewaarmerkt indien de vervoerder daarom verzoekt.
**6.** Bij de afwikkeling van de vordering kan de vervoerder eisen dat de vrachtbrief in originele vorm wordt overgelegd, zodat de afwikkeling van de vordering daarin kan worden vermeld.
**7.** De persoon die gerechtigd is om een vordering tegen de vervoerder in te stellen, kan aanspraak maken op rente op schadevergoeding, berekend volgens het toepasselijke nationale recht, vanaf de dag waarop de vordering tot de vervoerder is gericht of, indien een dergelijke vordering niet is ingediend, vanaf de dag waarop een gerechtelijke procedure is ingesteld.
HOOFDSTUK 4
Artikel 29
Vorderingen
Onderdeel van Verdrag inzake de overeenkomst van internationaal spoorwegvervoer van goederen· Arbitrage