Naar hoofdinhoud

TITEL IV › HOOFDSTUK 9

Artikel 172

Wijzigingen en rectificaties van toepassingsgebied

Onderdeel van Versterkte Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Kirgizische Republiek, anderzijds· Financieel en economisch recht

1. Een Partij kan voorstellen haar onder dit hoofdstuk vallende opdrachten als genoemd in bijlage 9 te wijzigen of haar desbetreffende onderafdeling in de afdelingen 1, 2 of 3 van bijlage 9 te rectificeren. 2. Een Partij die voornemens is een wijziging van bijlage 9 voor te stellen: stelt de andere Partij daarvan schriftelijk in kennis; en doet in die kennisgeving een voorstel voor passende compenserende aanpassingen voor de andere Partij om het toepassingsgebied op een niveau te houden dat vergelijkbaar is met dat van vóór de wijziging. 3. Niettegenstaande lid 2, punt b), hoeft een Partij niet te voorzien in compenserende aanpassingen indien de wijziging betrekking heeft op een aanbestedende dienst waarover de Partij haar zeggenschap of invloed heeft beëindigd, of indien de aanbestedende dienst voortaan actief zal zijn als een commerciële onderneming die aan concurrentie onderhevig is op een markt waartoe de toegang niet beperkt is. Een Partij wordt geacht zeggenschap of invloed uit te oefenen op een aanbestedende dienst indien die dienst: in hoofdzaak wordt gefinancierd door de staat of een door de staat gecontroleerd orgaan; onderworpen is aan toezicht op het management door de staat of door een door de staat gecontroleerd orgaan; of een bestuurs-, leidinggevend of toezichthoudend orgaan heeft waarvan de leden voor meer dan de helft door de staat of een door de staat gecontroleerd orgaan zijn aangewezen. 4. De andere Partij moet schriftelijk bezwaar maken tegen een voorgestelde wijziging van bijlage 9 waarvan overeenkomstig lid 2 van dit artikel kennis is gegeven, indien zij betwist dat: een overeenkomstig lid 2, punt b), voorgestelde aanpassing voldoende is om het overeengekomen toepassingsgebied op een vergelijkbaar niveau te houden; de wijziging betrekking heeft op een aanbestedende dienst met betrekking tot welke de Partij feitelijk haar zeggenschap of invloed heeft beëindigd, zoals bedoeld in lid 3; of de betrokken aanbestedende dienst opereert als een aan concurrentie onderworpen commerciële onderneming op een markt waartoe de toegang niet beperkt is. Indien binnen 45 dagen na de datum van ontvangst van de in lid 2, punt a), bedoelde kennisgeving geen schriftelijk bezwaar wordt ingediend, wordt de andere Partij geacht met de aanpassing of wijziging te hebben ingestemd. 5. De volgende wijzigingen van de onderafdeling van een Partij in de afdelingen 1, 2 of 3 van bijlage 9 worden beschouwd als een rectificatie van louter formele aard, mits zij geen invloed hebben op het wederzijds overeengekomen toepassingsgebied waarin dit hoofdstuk voorziet: een verandering van de naam van een aanbestedende dienst; een fusie van twee of meer aanbestedende diensten; en de splitsing van een aanbestedende dienst in twee of meer entiteiten die alle worden toegevoegd aan de aanbestedende diensten die onder dezelfde afdeling van bijlage 9 vallen. De Partij die een dergelijke zuiver formele rectificatie verricht, is niet verplicht te voorzien in compenserende aanpassingen. 6. In geval van voorgestelde rectificaties van de onderafdeling van een Partij in de afdelingen 1, 2 of 3 van bijlage 9 stelt de Partij de andere Partij om de twee jaar na de inwerkingtreding van dit hoofdstuk daarvan in kennis. 7. Een Partij kan de andere Partij binnen 45 dagen na ontvangst van de kennisgeving schriftelijk in kennis stellen van een bezwaar tegen een voorgestelde rectificatie. Een Partij die bezwaar maakt, legt uit waarom zij van mening is dat de voorgestelde rectificatie buiten het toepassingsgebied van lid 5 valt, en beschrijft het effect van de voorgestelde rectificatie op het wederzijds overeengekomen toepassingsgebied waarin dit hoofdstuk voorziet. Als een bezwaar niet binnen 45 dagen na de datum van ontvangst van de kennisgeving schriftelijk is ingediend, wordt de andere Partij geacht met de voorgestelde rectificatie in te stemmen. 8. Indien de andere Partij bezwaar maakt tegen de voorgestelde wijziging of rectificatie, trachten de Partijen de kwestie door middel van overleg op te lossen. Indien binnen 60 dagen na de datum van ontvangst van het bezwaar geen overeenstemming wordt bereikt, kan de Partij die haar onderafdeling in de afdelingen 1, 2 of 3 van bijlage 9 wenst te wijzigen of rectificeren, de zaak naar de geschillenbeslechtingsprocedure van hoofdstuk 14 verwijzen om te bepalen of het bezwaar gerechtvaardigd is. 9. Zodra de Partijen het eens zijn over een voorgestelde wijziging of rectificatie, ook wanneer een Partij geen bezwaar heeft gemaakt binnen 45 dagen overeenkomstig lid 4 of lid 7, of wanneer de kwestie is opgelost door middel van de in lid 8 bedoelde geschillenbeslechtingsprocedure, wijzigt de Samenwerkingsraad in zijn samenstelling voor handelsvraagstukken bijlage 9 dienovereenkomstig.

Rechtspraak bij dit artikel