**1.** Teneinde normen op een zo breed mogelijke grondslag te harmoniseren, moedigt elke Partij de op haar grondgebied gevestigde normalisatie-instellingen, alsmede de regionale normalisatie-instellingen waarvan zij of de op haar grondgebied gevestigde normalisatie-instellingen lid zijn, aan:
binnen hun mogelijkheden mee te werken aan de opstelling van internationale normen door de bevoegde internationale normalisatie-instellingen;
de toepasselijke internationale normen te gebruiken als grondslag voor de normen die zij formuleren, behalve wanneer dergelijke internationale normen ondoeltreffend of ongeschikt zouden zijn, bijvoorbeeld omdat zij onvoldoende bescherming bieden of wegens fundamentele klimatologische of geografische omstandigheden of fundamentele technologische problemen;
doublures of overlappingen met de werkzaamheden van de internationale normalisatie-instellingen te voorkomen;
niet op de toepasselijke internationale normen gebaseerde nationale en regionale normen regelmatig te evalueren, teneinde de convergentie ervan met dergelijke internationale normen te verbeteren;
bij internationale normalisatieactiviteiten samen te werken met de betrokken normalisatie-instellingen van de andere Partij; die samenwerking kan plaatsvinden binnen de internationale normalisatie-instellingen of op regionaal niveau; en
de bilaterale samenwerking tussen hen en de normalisatie-instellingen van de andere Partij te bevorderen.
**2.** De Partijen moeten informatie uitwisselen over hun respectieve normalisatieprocessen, en de mate waarin zij internationale, regionale of sub-regionale normen als basis voor hun nationale normen hanteren.
**3.** Wanneer vereisten voor normen door middel van een ontwerp van een technisch voorschrift of conformiteitsbeoordelingsprocedure verplicht worden gesteld, moet worden voldaan aan de transparantieverplichtingen van artikel 58 van deze Overeenkomst en artikel 2 of 5 van de TBT-Overeenkomst.
**4.** Internationale normen die door de Internationale Organisatie voor normalisatie, de Internationale Elektrotechnische Commissie, de Internationale Telecommunicatie-unie en de door de Voedsel- en Landbouworganisatie opgerichte Codex Alimentarius-Commissie zijn vastgesteld, worden beschouwd als de terzake geldende internationale normen in de zin van de artikelen 2 en 5 van en bijlage 3 bij de TBT-Overeenkomst, waarbij het gebruik van andere internationale normen niet wordt uitgesloten.
**5.** Een door andere internationale organisaties ontwikkelde norm kan ook worden beschouwd als een terzake geldende internationale norm in de zin van de artikelen 2 en 5 van en bijlage 3 bij de TBT-Overeenkomst, mits deze norm is ontwikkeld:
door een normalisatie-instelling die consensus nastreeft tussen:
nationale delegaties van de deelnemende WTO-leden die alle nationale normalisatie-instellingen op hun grondgebied vertegenwoordigen welke voor het voorwerp van de internationale normalisatieactiviteit normen hebben vastgesteld of voornemens zijn vast te stellen; of
overheidsorganen van deelnemende WTO-leden; en
overeenkomstig het besluit van de Commissie inzake de beginselen voor de ontwikkeling van internationale normen, richtsnoeren en aanbevelingen met betrekking tot de artikelen 2 en 5 van en bijlage 3 bij de TBT-Overeenkomst.
TITEL IV › HOOFDSTUK 4
Artikel 55
Normen
Onderdeel van Versterkte Partnerschaps- en Samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Kirgizische Republiek, anderzijds· Financieel en economisch recht