**1.** Een Partij die een bilaterale vrijwaringsmaatregel toepast, treedt in overleg met de Partij waarvan de producten zijn onderworpen aan die maatregel, teneinde overeenstemming te bereiken over een passende compensatie in het kader van de liberalisering van de handel die de vorm heeft van concessies met in wezen gelijkwaardige gevolgen voor de handel. De Partij die een bilaterale vrijwaringsmaatregel toepast, biedt uiterlijk 30 dagen na de toepassing van de bilaterale vrijwaringsmaatregel gelegenheid voor dergelijk overleg.
**2.** Indien het overleg als bedoeld in lid 1 niet binnen 30 dagen na aanvang ervan leidt tot overeenstemming over een passende compensatie in het kader van de liberalisering van de handel, mag de Partij wiens goederen voorwerp van de bilaterale vrijwaringsmaatregel zijn, de toepassing schorsen van concessies die in wezen gelijkwaardige gevolgen hebben voor de handel van de andere Partij.
**3.** De Partij waarvan de goederen het voorwerp van de bilaterale vrijwaringsmaatregel zijn, stelt de andere Partij ten minste 30 dagen vóór de schorsing van de concessies overeenkomstig lid 2 schriftelijk daarvan in kennis.
**4.** De verplichting tot compensatie op grond van lid 1 en het recht tot het schorsen van concessies op grond van lid 2:
mogen niet worden uitgeoefend tijdens de eerste 24 maanden waarin een bilaterale vrijwaringsmaatregel van kracht is, op voorwaarde dat de bilaterale vrijwaringsmaatregel is toegepast als gevolg van een absolute toename van de invoer; en
vervallen op de datum waarop de bilaterale vrijwaringsmaatregel afloopt.
DEEL III › HOOFDSTUK 12 › AFDELING C › ONDERAFDELING 1
Artikel 12.13
Compensatie en schorsing van concessies
Onderdeel van Geavanceerde Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar Lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds· Financieel en economisch recht