Naar hoofdinhoud

DEEL III › HOOFDSTUK 24

Artikel 24.1

Toepassingsgebied, definities en beginselen

Onderdeel van Geavanceerde Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar Lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds· Financieel en economisch recht

1. Dit hoofdstuk bevat de beginselen met betrekking tot de liberalisering van diensten op het gebied van het internationale zeevervoer op grond van de hoofdstukken 17, 18 en 19. 2. Voor de toepassing van dit hoofdstuk en van de hoofdstukken 17, 18 en 19 en de bijlagen 17-A, 17-B en 17-C wordt verstaan onder: „diensten in verband met de opslag van containers”: de opslag van containers op haventerreinen of verder landinwaarts, om die te laden of te lossen, te repareren en gereed te maken voor verscheping; „douaneafhandeling” of „in- en uitklaring”: de afhandeling van douaneformaliteiten namens een derde met betrekking tot de in-, uit- of doorvoer van vracht, ongeacht of die dienst de hoofdactiviteit van de dienstverlener is of een gebruikelijke aanvulling op diens hoofdactiviteit; „vervoer van deur tot deur of multimodaal vervoer”: het vervoer van vracht met behulp van meer dan één wijze van vervoer en dat een internationaal traject over zee omvat, met een enkel vervoersdocument; „feederdiensten”: het vervoer voorafgaand aan en na het vervoer over zee, tussen in een Partij gelegen havens, van internationale vracht, met name in containers, op weg naar een bestemming buiten het grondgebied van die Partij; „expediteursdiensten”: de activiteit waarbij namens een verzender de verscheping wordt georganiseerd en gemonitord, door vervoerdiensten en aanverwante diensten te contracteren, documenten op te stellen en bedrijfsinformatie te verschaffen; „internationale vracht”: vracht die wordt vervoerd tussen een haven van de ene Partij en een haven van de andere Partij of van een derde land, of tussen een haven van een lidstaat en een haven van een andere lidstaat; „internationale zeevervoerdiensten”: het vervoer van passagiers of vracht door zeeschepen tussen een haven van de ene Partij en een haven van de andere Partij of van een derde land, met inbegrip van het rechtstreeks sluiten van contracten met aanbieders van andere vervoerdiensten, teneinde het vervoer van deur tot deur of multimodaal vervoer onder één vervoersdocument te dekken, maar niet het recht om die andere vervoerdiensten te verlenen; „diensten van scheepsagenten”: activiteiten waarbij de zakelijke belangen van een of meer scheepvaartlijnen of scheepvaartmaatschappijen binnen een bepaald geografisch gebied door een agent worden behartigd voor de volgende doeleinden: marketing en verkoop van zeevervoer- en aanverwante diensten, van de prijsopgave tot de facturering, alsook het afgeven van vrachtbrieven namens de maatschappijen, het kopen en weer verkopen van de nodige aanverwante diensten, het opstellen van documenten en het verschaffen van bedrijfsinformatie; of het optreden namens de maatschappijen, het organiseren van het aanlopen van schepen of, indien nodig, het overnemen van vracht. „ondersteunende diensten voor zeevervoer”: behandeling van zeevracht, in- en uitklaring, diensten in verband met de opslag van containers, diensten van scheepsagenten en maritieme expediteursdiensten; en „behandeling van zeevracht”: activiteiten van stuwadoorsbedrijven en terminalexploitanten, maar zonder de directe activiteiten van dokwerkers, wanneer die niet door de stuwadoorsbedrijven of terminalexploitanten zelf in dienst zijn genomen; de hier bedoelde activiteiten omvatten de organisatie van en het toezicht op: het laden of lossen van schepen; het vastsjorren of losmaken van vracht; en het in ontvangst nemen of afleveren en bewaken van vracht vóór verscheping of na lossing. 3. Gezien het huidige niveau van de liberalisering tussen de Partijen op het gebied van het internationale zeevervoer zijn de volgende beginselen van toepassing: de Partijen passen het beginsel van onbeperkte toegang tot de internationale markten voor zeevervoer op commerciële en niet-discriminerende grondslag toe; en elke Partij kent aan vaartuigen die de vlag voeren van de andere Partij of die worden geëxploiteerd door dienstverleners uit de andere Partij, een behandeling toe die niet minder gunstig is dan de behandeling die zij aan haar eigen vaartuigen toekent, met betrekking tot onder meer de toegang tot havens, het gebruik van haveninfrastructuur en -diensten, het gebruik van ondersteunende diensten voor zeevervoer, evenals de daarmee verband houdende vergoedingen en heffingen, douanediensten en de toewijzing van aanlegplaatsen en laad- en losinstallaties. 4. Bij het toepassen van de in lid 3 beschreven beginselen geldt het volgende: de Partijen mogen in toekomstige overeenkomsten met derde landen geen vrachtverdelingsregelingen opnemen met betrekking tot zeevervoerdiensten, met inbegrip van het vervoer van droge en vloeibare bulkladingen en het lijnverkeer, en moeten dergelijke vrachtverdelingsregelingen, indien zij in eerdere overeenkomsten voorkomen, binnen een redelijke termijn beëindigen; en met ingang van de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst heffen de Partijen alle unilaterale maatregelen of administratieve, technische en andere belemmeringen op die een verkapte beperking kunnen zijn van of een discriminatoir effect kunnen hebben op het vrij verrichten van diensten in het internationale zeevervoer, en zien zij af van de invoering ervan. 5. Elke Partij staat verleners van internationale zeevervoerdiensten uit de andere Partij toe een onderneming op haar grondgebied te vestigen en exploiteren overeenkomstig de voorwaarden van haar lijst van specifieke verbintenissen in de bijlagen 17-A, 17-B en 17-C. 6. Elke Partij geeft verleners van internationale zeevervoerdiensten uit de andere Partij op redelijke en niet-discriminerende voorwaarden toegang tot de volgende havendiensten: loodsen, hulp van duw- en sleepboten, bevoorrading, brandstof- en waterlevering, ophalen en verwerking van afval, kapiteinsdiensten, navigatiehulp, diensten vanaf de wal die essentieel zijn voor het functioneren van een schip, waaronder communicatie, water- en elektriciteitsvoorzieningen, faciliteiten voor noodreparaties, verankering en aan- en afmeren. 7. Elke Partij staat toe dat verleners van internationale zeevervoerdiensten uit de andere Partij eigen of gehuurde lege containers die niet tegen betaling als vracht worden vervoerd, tussen havens van Chili of tussen havens van een lidstaat kunnen herplaatsen.

Rechtspraak bij dit artikel