Naar hoofdinhoud

DEEL III › HOOFDSTUK 27

Artikel 27.6

Beperkingen in geval van moeilijkheden met betrekking tot de betalingsbalans en de buitenlandse financiële positie

Onderdeel van Geavanceerde Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar Lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds· Financieel en economisch recht

1. Als een Partij ernstige moeilijkheden ondervindt of dreigt te ondervinden met betrekking tot de betalingsbalans of de buitenlandse financiële positie, kan zij beperkende maatregelen vaststellen of handhaven ten aanzien van het kapitaalverkeer, betalingen of overmakingen94) Voor alle duidelijkheid: ernstige moeilijkheden met betrekking tot de betalingsbalans of de buitenlandse financiële positie, of de dreiging daarvan, kunnen onder meer worden veroorzaakt door ernstige moeilijkheden in verband met het monetaire of het wisselkoersbeleid of de dreiging daarvan.. 2. De in lid 1 van dit artikel bedoelde maatregelen: moeten in overeenstemming zijn met de Statuten van het Internationaal Monetair Fonds, in voorkomend geval; mogen niet verder gaan dan noodzakelijk is om de in lid 1 van dit artikel bedoelde situatie aan te pakken; moeten tijdelijk zijn en geleidelijk worden opgeheven naarmate de in lid 1 van dit artikel bedoelde situatie verbetert; moeten onnodig nadeel aan de commerciële, economische en financiële belangen van de andere Partij vermijden, en mogen niet discriminerend zijn in vergelijking met derde landen in vergelijkbare situaties. 3. Ten aanzien van de handel in goederen kan elke Partij beperkende maatregelen vaststellen of handhaven ter bescherming van haar buitenlandse financiële positie of haar betalingsbalans. Dergelijke maatregelen moeten in overeenstemming zijn met de GATT 1994 en het Memorandum van Overeenstemming betreffende de betalingsbalansbepalingen van de Algemene Overeenkomst betreffende tarieven en handel 1994. 4. Ten aanzien van de handel in diensten kan elke Partij beperkende maatregelen vaststellen of handhaven ter bescherming van haar buitenlandse financiële positie of haar betalingsbalans. Dergelijke maatregelen moeten in overeenstemming zijn met artikel XII van de GATS. 5. Een Partij die de in de leden 1 en 2 bedoelde maatregelen vaststelt of handhaaft, stelt de andere Partij daarvan onverwijld in kennis. 6. Indien op grond van dit artikel beperkende maatregelen worden vastgesteld of gehandhaafd, plegen de Partijen onverwijld overleg in het Subcomité Diensten en investeringen, tenzij dergelijk overleg wordt gepleegd in andere fora waarvan beide Partijen lid zijn. Tijdens het overleg worden de problemen met betrekking tot de betalingsbalans of de buitenlandse financiële positie die tot de respectievelijke maatregelen hebben geleid, beoordeeld, rekening houdend met onder meer de volgende factoren: de aard en de omvang van de problemen; het externe economische en handelsklimaat; en andere corrigerende maatregelen die kunnen worden genomen. 7. Tijdens het op grond van lid 6 gevoerde overleg wordt de verenigbaarheid van de beperkende maatregelen met de leden 1 en 2 behandeld. Het overleg wordt gebaseerd op alle relevante bevindingen van statistische of feitelijke aard van het Internationaal Monetair Fonds („IMF”), indien beschikbaar, en bij hun conclusies wordt rekening gehouden met het oordeel van het IMF over de betalingsbalans en de buitenlandse financiële positie van de desbetreffende Partij.

Rechtspraak bij dit artikel