Naar hoofdinhoud

DEEL III › HOOFDSTUK 38 › AFDELING C

Artikel 38.13

Tussentijds verslag en eindverslag

Onderdeel van Geavanceerde Kaderovereenkomst tussen de Europese Unie en haar Lidstaten, enerzijds, en de Republiek Chili, anderzijds· Financieel en economisch recht

1. Het panel legt de Partijen binnen 90 dagen na de datum van instelling van het panel een tussentijds verslag voor. Wanneer het panel van oordeel is dat die termijn niet kan worden gehaald, stelt de voorzitter van het panel de Partijen daarvan in kennis, met opgave van de redenen voor de vertraging en de datum waarop het panel zijn tussentijds verslag denkt te kunnen uitbrengen. Het panel mag zijn tussentijds verslag in geen geval later voorleggen dan 120 dagen na de datum waarop het is ingesteld. 2. Elke Partij kan het panel binnen 10 dagen na de voorlegging ervan schriftelijk verzoeken om bepaalde aspecten van het tussentijds verslag te herzien. Een Partij kan binnen zes dagen na de datum van indiening van dat verzoek opmerkingen maken over het verzoek van de andere Partij. 3. Indien er geen verzoek op grond van lid 2 wordt ingediend, wordt het tussentijds verslag het eindverslag. 4. Het panel legt de Partijen binnen 120 dagen na de datum van instelling van het panel zijn eindverslag voor. Wanneer het panel van oordeel is dat die termijn niet kan worden gehaald, stelt de voorzitter van het panel de Partijen daarvan in kennis, met opgave van de redenen voor de vertraging en de datum waarop het panel zijn eindverslag denkt te kunnen uitbrengen. Het panel mag zijn eindverslag in geen geval later voorleggen dan 150 dagen na de datum waarop het is ingesteld. 5. In het eindverslag wordt elk schriftelijk verzoek van de Partijen met betrekking tot het tussentijds verslag besproken en wordt duidelijk ingegaan op de opmerkingen van Partijen. Het panel vermeldt in het tussentijds verslag en het eindverslag het volgende: een beschrijvend gedeelte met een samenvatting van de argumenten van de Partijen en van de in lid 2 bedoelde opmerkingen; zijn bevindingen over de feiten van de zaak en over de toepasselijkheid van de desbetreffende bestreken bepalingen; zijn bevindingen over de vraag of de maatregel in kwestie al dan niet in overeenstemming is met de relevante bestreken bepalingen; en de redenen voor de onder de punten b) en c) bedoelde bevindingen. 6. Het eindverslag is definitief en bindend voor de Partijen.

Rechtspraak bij dit artikel