Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK VIII

Artikel 33

Federale clausule

Onderdeel van Kaderverdrag van de Raad van Europa over artificiële intelligentie en de mensenrechten, de democratie en de rechtsstaat· Internationaal publiekrecht

1. Een federale staat kan zich het recht voorbehouden de verplichtingen krachtens dit verdrag aan te gaan voor zover deze conform de fundamentele beginselen zijn die ten grondslag liggen aan de betrekkingen tussen de centrale regering en de constituerende staten of andere vergelijkbare territoriale entiteiten, mits dit verdrag op de centrale regering van de federale staat van toepassing is. 2. Ten aanzien van de bepalingen van dit verdrag waarvan de toepassing onder de rechtsbevoegdheid valt van elk van de constituerende staten of andere vergelijkbare territoriale entiteiten die, ingevolge het constitutionele stelsel van de federatie, niet verplicht zijn wetgevende maatregelen te treffen, brengt de centrale regering de bevoegde autoriteiten van deze staten op de hoogte van de genoemde bepalingen, vergezeld van een gunstig advies, hen aanmoedigende om passende maatregelen te treffen ter effectuering hiervan.

Rechtspraak bij dit artikel