**1.** Niettegenstaande de overige bepalingen van dit Verdrag, wordt een voordeel uit hoofde van dit Verdrag niet toegekend met betrekking tot een inkomensbestanddeel indien, alle relevante feiten en omstandigheden in aanmerking genomen, redelijkerwijs kan worden geconcludeerd dat het verkrijgen van dit voordeel een van de voornaamste doelen was van een constructie of transactie die direct of indirect tot dat voordeel heeft geleid, tenzij wordt vastgesteld dat toekenning van dit voordeel onder deze omstandigheden in overeenstemming zou zijn met het voorwerp en doel van de relevante bepalingen van dit Verdrag. De bevoegde autoriteit van een verdragsluitende staat raadpleegt de bevoegde autoriteit van de andere verdragsluitende staat alvorens een voordeel uit hoofde van dit lid te weigeren.
**2.** Indien een persoon een voordeel uit hoofde van dit Verdrag wordt geweigerd ingevolge het eerste lid, dient de bevoegde autoriteit van de verdragsluitende staat die het voordeel anderszins zou hebben toegekend deze persoon desalniettemin te behandelen alsof deze recht heeft op dit voordeel of op andere voordelen ter zake van een specifiek inkomensbestanddeel, indien deze bevoegde autoriteit, op verzoek van deze persoon en na bestudering van de relevante feiten en omstandigheden, vaststelt dat deze voordelen zouden zijn verleend bij het ontbreken van de transactie of constructie bedoeld in het eerste lid. De bevoegde autoriteit van de verdragsluitende staat bij wie het verzoek is ingediend, raadpleegt de bevoegde autoriteit van de andere staat alvorens een verzoek dat door een inwoner van die andere staat overeenkomstig dit lid is ingediend af te wijzen.
**3.** Indien ingevolge een bepaling van dit Verdrag hetzij volledig hetzij gedeeltelijk vermindering moet worden verleend van belasting in een verdragsluitende staat over een inkomensbestanddeel en een persoon is ingevolge de in de andere verdragsluitende staat geldende wetgeving ter zake van dat inkomensbestanddeel niet voor het volle bedrag aan belasting onderworpen maar slechts voor zover het bedrag daarvan naar de andere verdragsluitende staat is overgemaakt of aldaar is ontvangen, vindt de vermindering die de eerstgenoemde verdragsluitende staat ingevolge dit Verdrag mag verlenen slechts toepassing op het deel van het inkomensbestanddeel dat in de andere staat belast wordt. Wanneer dat inkomensbedrag vervolgens wordt overgemaakt naar of ontvangen wordt in de andere verdragsluitende staat, staat de eerstgenoemde staat een vermindering toe ter zake van dat inkomensbestanddeel in overeenstemming met de betreffende bepalingen van dit Verdrag, maar uitsluitend voor zover dat inkomensbestanddeel in de andere verdragsluitende staat aan belastingheffing onderhevig is.
Artikel 28
Recht op voordelen
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Thailand tot het vermijden van dubbele belasting met betrekking tot belastingen naar het inkomen en het voorkomen van het ontduiken en ontwijken van belasting· Belastingrecht