Naar hoofdinhoud
1. Dit Verdrag regelt de betrekkingen tussen de partijen op het gebied van coproducties van audiovisuele werken in de vorm van series die hun oorsprong vinden op het grondgebied van de partijen. 2. Dit Verdrag is van toepassing op: bilaterale coproducties waarbij twee onafhankelijke coproducenten betrokken zijn die in twee verschillende partijen bij het Verdrag zijn gevestigd en waarbij een of meer andere coproducenten betrokken kunnen zijn; en multilaterale coproducties waarbij drie of meer onafhankelijke coproducenten betrokken zijn die in verschillende partijen bij het Verdrag zijn gevestigd en waarbij een of meer andere coproducenten betrokken kunnen zijn. In alle gevallen is dit Verdrag slechts van toepassing op voorwaarde dat het werk voldoet aan de omschrijving van een officiële coproductie van een audiovisueel werk in de vorm van een serie als omschreven in artikel 3, onderdeel f, hieronder. 3. In het geval van multilaterale coproducties hebben de bepalingen van dit Verdrag voorrang boven die van bilaterale verdragen tussen de partijen bij het Verdrag. 4. De bepalingen van de tussen de partijen bij dit Verdrag gesloten bilaterale overeenkomsten die relevant zijn voor audiovisuele werken in de vorm van series, zijn van toepassing op bilaterale coproducties, tenzij de betrokken partijen besluiten dit Verdrag toe te passen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel