**1.** De voorzitter zendt de leden een schriftelijke oproep onder vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. Hij doet dit op een zodanig tijdstip dat er tussen de verzending en de vergadering ten minste twee weekeinden zitten.
**2.** De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de leden verzonden.
**3.** Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in artikel 11, worden deze agenda en de daarop vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering aan de leden gezonden.