**1..** Dit
artikel verstaat onder speelgelegenheid: een voor het
publiek toegankelijke gelegenheid waar bedrijfsmatig of in
een omvang alsof deze bedrijfsmatig is de mogelijkheid wordt
geboden enig spel te beoefenen, waarbij geld of in geld
inwisselbare voorwerpen kunnen worden gewonnen of
verloren.
**2..** Het
is verboden zonder vergunning van de burgemeester een
speelgelegenheid te exploiteren of te doen exploiteren. Het
verbod is niet van toepassing
op:
speelgelegenheden
waarvoor de minister van Justitie of de Kamer van
Koophandel bevoegd is vergunning te
verlenen;
speelgelegenheden
waar de mogelijkheid wordt geboden om het kleine
kansspel als bedoeld in artikel 7c van de Wet op de
kansspelen te beoefenen, of te spelen op
speelautomaten als bedoeld in artikel 30 van de Wet
op de kansspelen, of de handeling als bedoeld in
artikel 1, onder a, van de Wet op de kansspelen te
verrichten.
**3..** De
burgemeester weigert de
vergunning:
indien
naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de
woon- en leefsituatie in de omgeving van de
speelgelegenheid of de openbare orde op
ontoelaatbare wijze nadelig worden beïnvloed door de
exploitatie van de
speelgelegenheid;
indien
de exploitatie van de speelgelegenheid in strijd is
met een geldend bestemmingsplanb. indien de
exploitatie van de speelgelegenheid in strijd is met
een geldend
bestemmingsplan.
Hoofdstuk 5. › Afdeling 10 › Paragraaf 3
Artikel 5:41
Speelgelegenheden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening