Naar hoofdinhoud
1.. Een volksvertegenwoordiger of een bestuurder die al dan niet op uitnodiging het voornemen heeft om ten behoeve van de uitoefening van zijn functie een buitenlandse reis te maken, heeft toestemming nodig van de raadscommissie Middelen respectievelijk het college. Het gemeentelijk belang is doorslaggevend voor de besluitvorming. Tevens wordt bepaald of van de betreffende reis een verslag moet worden gemaakt. De gemeenteraad wordt van het besluit en de motieven daarvoor op de hoogte gesteld. 2.. Een volksvertegenwoordiger of bestuurder die het voornemen van een reis meldt, verschaft informatie over het doel van de reis, de bijbehorende beleidsoverwegingen, de samenstelling van het gezelschap en de geraamde kosten. 3.. Uitnodigingen voor reizen, werkbezoeken en dergelijke op kosten van derden worden altijd besproken in de raadscommissie Middelen of het college en onder meer getoetst op het risico van belangenverstrengeling. Het gemeentelijk belang van de reis is doorslaggevend voor de besluitvorming. 4.. Het ten laste van de gemeente meereizen van de partner van een volksvertegenwoordiger of bestuurder is uitsluitend toegestaan wanneer dit gebeurt op uitnodiging van de ontvangende partij en het belang van de gemeente daarmee gediend is. Het meereizen van de partner wordt bij de besluitvorming van de raadscommissie Middelen respectievelijk het college betrokken. 5.. Het anderszins meereizen van derden op kosten van de gemeente is niet toegestaan. Het meereizen van derden op eigen kosten is toegestaan en wordt in dat geval bij de besluitvorming van de raadscommissie Middelen of het college betrokken. 6.. Het verlengen van een buitenlandse dienstreis voor privé-doeleinden is toegestaan, mits dit is betrokken bij de besluitvorming van de raadscommissie Middelen of het college. De extra reis- en verblijfkosten komen volledig voor rekening van de volksvertegenwoordiger of bestuurder. 7.. De in verband met de buitenlandse dienstreis gedane functionele uitgaven worden vergoed conform de geldende regelingen. Uitgaven worden vergoed voor zover zij redelijk en verantwoord worden geacht. Gedaan ter openbare vergadering van 23 april 2003, de raadsgriffier - mw. mr. M.C. van de Plasse de voorzitter - drs. J.J. Spros

Rechtspraak bij dit artikel