Voor de toepassing van deze verordening wordt:
onder gemeentelijke riolering mede begrepen het voor de openbare dienst bestemde gemeentewater dat bij de gemeente in onderhoud en/of beheer is;
onder afvalwater verstaan: water en stoffen die worden afgevoerd via de gemeentelijke riolering;
onder eigendom verstaan: een roerende of een onroerende zaak;
onder verbruiksperiode verstaan: de periode waarop de afrekening van het waterleidingbedrijf betrekking heeft;
onder woning verstaan: een roerende of een onroerende zaak die in hoofdzaak tot woning dient;
onder niet-woning verstaan: een roerende of een onroerende zaak die niet in hoofdzaak tot woning dient;
onder eenpersoonshuishouden verstaan: de situatie waarbij een woning op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht aanvangt in de loop van het belastingjaar bij de aanvang van de belastingplicht, wordt gebruikt door één persoon;
onder tweepersoonshuishouden verstaan: de situatie waarbij een woning op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht aanvangt in de loop van het belastingjaar bij de aanvang van de belastingplicht wordt gebruikt door twee personen.
onder drie- of meerpersoonshuishouden verstaan: de situatie waarbij een woning op 1 januari van het belastingjaar of, indien de belastingplicht aanvangt in de loop van het belastingjaar bij de aanvang van de belastingplicht wordt gebruikt door drie of meer personen.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolrecht 2009