Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Uitnodiging zitting

Onderdeel van Verordening op de behandeling van bezwaarschriften

De voorzitter van de commissie of kamer deelt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste drie weken voor de zitting schriftelijk mee dat zij in de gelegenheid worden gesteld zich te doen horen tijdens de zitting. Binnen drie dagen na de vastgestelde datum van de hoorzitting kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan, onder opgaaf van redenen, de voorzitter van de commissie of kamer verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. De beslissing van de voorzitter van de commissie of kamer op een verzoek, als bedoeld in het tweede lid, wordt zo spoedig mogelijk aan de belanghebbende(n) en het verwerend orgaan meegedeeld. De voorzitter van de commissie of kamer is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen als genoemd in het eerste, tweede of derde lid.

Rechtspraak bij dit artikel