Burgemeester en wethouders maken gebruik van de bevoegdheid tot:
het herzien of intrekken van het toekenningsbesluit ingevolge artikel 69, lid 3, van de Algemene bijstandswet (Abw) of artikel 54, lid 3, van de Wet werk en bijstand (WWB);
het terugvorderen van ten onrechte verleende bijstand zoals neergelegd in de artikelen 78 tot en met 90 van de Abw en de artikelen 58 tot en met 60 van de WWB.