Naar hoofdinhoud
De bewoner c.q. gebruiker van een gebouw is bevoegd tot het inrichten van de openbare plaats als geveltuin en het daartoe opbreken, uitnemen en bewaren van de bestaande weg/trottoirverharding onder de volgende voorwaarden: maximaal 45 centimeter haaks gemeten vanuit de gevel van het gebouw waartoe de geveltuin behoort; maximaal ter breedte van de gevel van het gebouw waartoe de geveltuin behoort; maximaal ter diepte van 30 centimeter; vergunninghouder draagt het risico van schade aan eventueel aanwezige kabels en leidingen in de grond; minimaal resterende doorgang op trottoir van 1.20 meter; geen schade wordt toegebracht aan de resterende weg-/trottoirverharding; de beplanting dient voor eigen rekening te worden aangebracht en dient te bestaan uit een naar het oordeel van het college passende beplanting.

Rechtspraak bij dit artikel