Naar hoofdinhoud

Artikel 4.1.3

Aansluiting gemeentelijk jeugdbeleid met de provinciale jeugdzorg.

Onderdeel van Nota Jeugdbeleid Bloemendaal 2005

Op 1 januari 2005 is de Wet op de Jeugdzorg in werking getreden. Deze wet vervangt de Wet op de Jeugdhulpverlening. De nieuwe wet heeft ingrijpende gevolgen, ook voor de ketenpartners van de jeugdzorg. Provincies zijn verantwoordelijk voor het bieden van hulp aan jeugdigen met ernstige opgroeiproblemen en ouders met ernstige opvoedproblemen. Jeugdigen en ouders met lichtere opgroei-en opvoedproblemen kunnen een beroep doen op de opvoed-en opgroeiondersteuning in het kader van het preventieve lokale jeugdbeleid. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de gemeente. Dit is geregeld in de Welzijnswet en de Wet collectieve preventie volksgezondheid. In de Wet op de Jeugdzorg is opgenomen dat de provincie overleg voert met de gemeenten over de afstemming van de jeugdzorg en het lokale jeugdbeleid. In 2004 is het Provinciaal Bestuurlijk Overleg Jeugd (PBOJ) opgericht waar de wethouder Jeugd van Haarlem ook Bloemendaal vertegenwoordigt. Het PBOJ heeft aangestuurd op de oprichting van Regionale Platforms Jeugdbeleid met als doel de gemeenten en de jeugdinstellingen op één lijn te krijgen voor wat betreft een efficiëntere organisatie van de jeugdvoorzieningen. De provincie heeft middelen beschikbaar gesteld aan de gemeenten voor deze platforms en tevens voor het versterken van de preventieve jeugdvoorzieningen. Overigens is het de bedoeling, dat de preventieve jeugdzorg opgenomen wordt in de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO).

Rechtspraak bij dit artikel