Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk IV

Artikel 26

Vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen

Onderdeel van Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Bloemendaal 2011

1.. Het lid van een raadscommissie, zoals een duocommissielid, ontvangt voor het bijwonen van de vergaderingen van een commissie en haar subcommissies per bijgewoonde vergadering een vergoeding die gelijk is aan het bedrag, vermeld in artikel 13 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, zoals dit bedrag jaarlijks door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt herzien. 2.. Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op degene die als lid van een commissie een vaste vergoeding voor de werkzaamheden als bedoeld in artikel 96 van de Gemeentewet ontvangt. 3.. Geen vergoeding ontvangt degene die zitting heeft in een commissie als raadslid of wethouder; uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een ambtelijke of bestuurlijke hoedanigheid dan wel van een functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd; als vertegenwoordiger van een belanghebbende instelling, organisatie of groepering, tenzij zijn lidmaatschap van de commissie tevens in belangrijke mate het gemeentelijk belang dient. 4.. De leden van de commissie van advies voor de Bezwaar- en Beroepschriften ontvangen een vergoeding per bijgewoonde vergadering. 5.. De fungerende voorzitter van de commissie van advies voor de Bezwaar- en Beroepschriften ontvangt een vergoeding per bijgewoonde vergadering. 6.. De leden van de VAC Bloemendaal ontvangen een vergoeding per bijgewoonde vergadering. 7.. De leden van de commissie voor ruimtelijke kwaliteit (welstands- en monumentencommissie) ontvangen een vergoeding conform het jaarlijks geadviseerde BNA-uurtarief. De vergoeding is maximaal drie maal het uurtarief per bijgewoonde vergadering. 8.. De vergoedingen als bedoeld in de leden 4 t/m 6 worden, ingaande 1 januari 2011, door het college vastgesteld en jaarlijks, ingaande 1 januari 2012, aangepast met hetzelfde percentage als waarmee de vergoeding voor werkzaamheden van raadscommissieleden, als bedoeld in lid 1, wordt aangepast.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel