In afwijking van het in artikel 2.3.3 bepaalde wordt de vergunning altijd verleend, indien de woonruimte door de eigenaar overeenkomstig de in de leden 2 en 3 van dit artikel weergegeven procedure gedurende twee maanden vruchteloos is aangeboden aan de woningzoekenden die ingevolge het eerste lid van artikel 2.3.3 voor die woonruimte in aanmerking komen.
De eigenaar moet de woonruimte gedurende deze twee maanden ten minste driemaal door middel van een op afzonderlijke dagen geplaatste advertentie te huur aanbieden. De advertentie moet geplaatst worden in één of meer dag- of weekbladen die in de gemeente verspreid worden, waaronder één lokaal blad.
Deze advertentie moet in ieder geval bevatten:
het adres van de woonruimte;
de overeenkomstig artikel 26, lid 2, van de wet bepaalde huurprijs van de woonruimte;
de mededeling dat degenen die voldoen aan het bepaalde in artikel 2.3.3, lid 1, de voorkeur genieten.
De in het vorige lid genoemde termijn begint te lopen op de datum van plaatsing van de eerste advertentie die voldoet aan het hier bepaalde.
3.Indien de eigenaar aan burgemeester en wethouders aannemelijk kan maken, dat hij de woonruimte op andere, gelijkwaardige wijze vruchteloos heeft aangeboden aan de in het eerste lid genoemde woningzoekenden, wordt eveneens toepassing gegeven aan het in het eerste lid bepaalde.
HOOFDSTUK 2
Artikel 2.3.4
- Vruchteloze aanbieding
Onderdeel van Verordening houdende regels omtrent de verdeling van woonruimte en de wijziging van de samenstelling van de woonruimtevoorraad