Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 6.01

Woonkostentoeslag voor zelfstandigen

Onderdeel van beleidsregel bijzondere bijstand

De Bbz kent een andere werkwijze voor het toekennen van bijzondere bijstand voor hoge woonkosten dan de WWB. De bijstand wordt in principe standaard toegekend. Dit gebeurt omdat Bbz- uitkeringen over het algemeen tijdelijk zijn en bijstand alleen wordt verstrekt als het bedrijf levensvatbaar is. Zonder toekenning van bijzondere bijstand voor hoge woonkosten zou de klant niet in zijn levensonderhoud kunnen voorzien en zou het bedrijf dus ook niet levensvatbaar zijn. Vanwege de tijdelijkheid wordt ook geen verhuisverplichting opgelegd. De verwachting is namelijk dat klanten na de Bbz-uitkering weer volledig in hun eigen levensonderhoud kunnen voorzien. Daarnaast is bij toekenning van een Bbz-uitkering nog onbekend hoe hoog het inkomen van de zelfstandige zal zijn. De uitkering wordt in principe in de vorm van een (renteloze) lening verstrekt en het jaar na verstrekking definitief vastgesteld. Dit geldt ook voor het recht op een toeslag voor hoge woonkosten. De hoogte van de bijstand is gebaseerd op artikel 1 sub g Bbz dat voorschrijft dat de jaarnorm wordt verhoogd met de verleende bijzondere bijstand. Het ligt dan niet voor de hand om een verhuisverplichting op te leggen als nog niet duidelijk is of er bijstand “om niet” wordt verstrekt. Bij de Bbz-uitkering voor zelfstandigen ouder dan 55 jaar, die in principe tot het bereiken van de 65-jarige leeftijd wordt toegekend, kan wel worden overwogen een verhuisverplichting op te leggen. - Bij de berekening van de hoogte van de woonkostentoeslag houden we geen rekening met de belastingteruggave die de klant in dit jaar ontvangt wegens eigen woningbezit. - In het jaar dat de woonkostentoeslag als lening wordt verstrekt, hoeft de klant deze niet bij de Belastingdienst op te geven als inkomen. Ook hoeft hij de woonkostentoeslag niet in mindering te brengen op de rente en kosten die hij in zijn aangifte opvoert als aftrekpost eigen woning. - In het jaar van de omzetting van de woonkostentoeslag in bijstand ‘om niet' moet de klant deze bijstand ‘om niet' in mindering brengen op de rente en kosten die hij bij zijn aangifte opvoert als aftrekpost eigen woning. Dit leidt er toe dat hij in dat jaar minder aftrek heeft. - Dit geldt ook als de woonkostentoeslag in het jaar van verstrekking direct ‘om niet' is verleend. - In de beschikking wordt de klant meegedeeld dat hij de bijstand ‘om niet', in mindering moet brengen op de aftrekpost eigen woning (in de beschikking waarin de bijstand ‘om niet' wordt toegekend).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel