a. De wederpartij is verplicht mee te werken aan de vestiging van een recht van opstal
ten laste van een daartoe op de bij de verkoopovereenkomst behorende tekening
aangeduid gedeelte van de onroerende zaak en ten behoeve van de in de
verkoopovereenkomst aangegeven begunstigde, inhoudende het recht om nutsvoorzieningen,
of aan die nutsvoorziening dienstbare werken, in, op of boven de onroerende zaak te hebben,
te houden, te inspecteren, te onderhouden en te vernieuwen.
b. Bij dit opstalrecht wordt bepaald dat op, respectievelijk in of boven dat gedeelte van de
onroerende zaak geen bouwwerken mogen worden opgericht, noch een gesloten
verharding mag worden aangebracht, ontgrondingen mogen worden verricht of bomen
dan wel diepwortelende struiken mogen worden geplant, of aan derden toestemming
tot dergelijke handelingen mag worden verleend.
c. Voor de vestiging van dit zakelijk recht is de begunstigde geen enkele vergoeding verschuldigd.
In de verkoopovereenkomst wordt bepaald ten laste van wie de kosten van het vestigen van het
opstalrecht komen.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.17
Opstalrecht voor nutsvoorzieningen
Onderdeel van Algemene Verkoopvoorwaarden voor de verkoop van grond door de gemeente Geertruidenberg 2002