In deze verordening wordt verstaan onder:
a. haven:
de voor de openbare dienst bestemde wateren en voor de openbare dienst bestemde werken of inrichtingen in de gemeente;
b. vaartuig:
elk drijvend lichaam dat blijkens zijn constructie is bestemd of wordt gebruikt voor het vervoer te water of voor het dragen van voorwerpen die al dan niet met het drijvende lichaam een geheel uitmaken;
c. binnenschip:
een vaartuig dat hoofdzakelijk is bestemd of wordt gebruikt voor de vaart op de binnenwateren;
d. pleziervaartuig:
een binnenschip dat hoofdzakelijk is bestemd of wordt gebruikt voor de recreatie;
e. passagiersschip:
een binnenschip dat hoofdzakelijk is bestemd of wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig vervoer van personen;
f. zeilend bedrijfsvaartuig:
een binnenschip dat met behulp van zeilen voortgestuwd wordt en dat hoofdzakelijk is bestemd of wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig vervoer van personen;
g. vrachtschip:
een binnenschip dat hoofdzakelijk is bestemd of wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig vervoer van goederen;
h. vissersschip:
een binnenschip dat hoofdzakelijk bedrijfsmatig is bestemd of wordt gebruikt voor het vangen van vis of andere levende rijkdommen van de wateren;
i. sleepboot:
een binnenschip dat hoofdzakelijk is bestemd of wordt gebruikt voor het slepen of duwen van andere vaartuigen;
j. woonschip:
elk vaartuig dat uitsluitend of in hoofdzaak wordt gebezigd als, of te oordelen naar zijn constructie of inrichting uitsluitend of in hoofdzaak bestemd is tot, dag- en/of nachtverblijf van één of meer personen;
k. lading:
alle door een binnenschip geloste en ingenomen goederen en verpakkingsmateriaal, containers en trailers, doch zonder daarbij in aanmerking te nemen ballast, brandstof, proviand en andere voor eigen gebruik bestemde scheepsbenodigdheden, de handbagage van opvarenden voor zover deze met de opvarenden op hetzelfde schip vervoerd wordt en schadelijke stoffen als bedoeld in art. 1 van de Wet voorkoming verontreiniging door die schepen (Staatsblad 1983, nr. 683);
l. laadvermogen:
het in tonnen uitgedrukte laadvermogen, zoals dat blijkt uit de bij het vaartuig behorende meetbrief;
m. oppervlakte:
het product van de lengte over alles en de grootste breedte, zoals blijkt uit de bij het vaartuig behorende meetbrief;
n. lengte:
de lengte over alles, zoals blijkt uit de bij het vaartuig behorende meetbrief;
o. termijn:
een in de tarieventabel genoemd tijdvak waarin het gebruik van de haven plaatsheeft;
p. ton:
een massa van 1.000 kilogram.
q. tabel:
de als bijlage opgenomen en de van deze verordening deel uitmakende tarieventabel.
r. ligplaats:
een gedeelte van het openbaar water, bestemd of geschikt om door een woonschip met bijbehorende voorzieningen te worden ingenomen;
s. bijbehorende voorzieningen:
zaken zonder welke het gebruik van het schip als woning niet goed mogelijk is, zoals een bijboot, steiger en een loopplank.
t. beroepsscheepvaart: hieronder vallen de vaartuigen genoemd onder e., f., g. en h.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van binnenhavengeld gemeente Oldambt 2014