Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 3

Voorwaarden en weigering van voorzieningen

Onderdeel van Verordening Wmo voorzieningen gemeente Oldambt 2012

Het college verstrekt een voorziening die naar objectieve maatstaven gemeten voor de persoon het goedkoopst compenserend is. 2. Er bestaat in ieder geval geen recht op een voorziening indien: a. een persoon met beperking niet woonachtig is in de gemeente Oldambt;b. een voorziening, gelet op de situatie van de persoon met beperking, algemeen gebruikelijk is;c. een persoon met beperking de belemmeringen die hij ondervindt in voldoende mate kan compenseren door gebruik te maken van een adequate voorliggende voorziening;d. een persoon met beperking, eventueel met behulp van de mensen die tot zijn leefeenheid behoren, de belemmeringen die hij ondervindt kan compenseren door het anders organiseren van het dagelijkse leven of het huishouden; e. een voorziening als gevolg van de beperking van de persoon voor zichzelf of voor derden onveilig is of gezondheidsrisico’s met zich meebrengt;f. een voorziening wordt aangevraagd op een moment dat op basis van leeftijd, gezinssituatie, woonsituatie en/of gezondheidssituatie ruim van te voren te voorzien was dat deze voorziening noodzakelijk zou zijn en er geen sprake is van een onverwacht optredende noodzaak;g. het een aanvraag betreft voor een voorziening die eerder is toegekend krachtens deze verordening of een aan deze verordening voorafgaande verordening en de normale afschrijvingstermijn van de voorziening nog niet is verstreken. 3. Een voorziening wordt tevens geweigerd indien de aanvraag betrekking heeft op kosten die de persoon met een beperking voorafgaand aan het moment van beschikken op de aanvraag heeft gemaakt, tenzija. het college vooraf uitdrukkelijk toestemming heeft gegeven, ofb. de persoon met beperking de noodzaak, adequaatheid en passendheid van de voorziening en de gemaakte kosten aantoont.

Rechtspraak bij dit artikel