Naar hoofdinhoud
1. Wederpartij is verplicht de grond te bebouwen conform de in de koopovereenkomst aangegeven bebouwing. 2. Wederpartij is verplicht binnen zes maanden na de datum van ondertekening van de notariële akte te starten met de bouw van de te realiseren bebouwing. Artikel 4.4 (boetebepaling) is van overeenkomstige toepassing. 3. Binnen twee jaar na datum van het ondertekenen van de notariële akte moet de op de grond te stichten bebouwing voltooid en gebruiksklaar zijn, tenzij anders overeengekomen; indien daartoe aanleiding bestaat, kan deze termijn door het College van Burgemeester en wethouders worden verlengd. 4. Indien na verloop van de in lid 3 genoemde termijn de bebouwing wel is aangevangen maar nog geen vijftig procent (50%) van de geschatte bouwtijd is verlopen, is wederpartij aan de gemeente een schadevergoeding verschuldigd ter grootte van tien procent (10%) van de koopsom. 5. Indien na verloop van de in lid 3 genoemde termijn met de bouw is gestart en meer dan vijftig procent (50%) van de bebouwing gereed is, verleent de gemeente aan wederpartij uitstel van de bouwplicht voor de duur van de geschatte bouwtijd voor het restant van de bebouwing. 6. Indien na afloop van die verlenging de bebouwing nog niet in gebruik genomen kan worden voor het doel waarvoor deze gerealiseerd is, is wederpartij aan de geen schadevergoeding verschuldigd overeenkomstig het bepaalde in artikel 5.1 lid 4, onverminderd het recht van de gemeente om de volledige nakoming van de bouwplicht te vorderen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel