**1..** Begripsomschrijvingen
a. Een aanlijngebod houdt in dat de eigenaar of houder verplicht is de hond aangelijnd te houden met een lijn met een lengte, gemeten van hand tot halsband, van ten hoogste 1,5 meter.
b. Een muilkorfgebod houdt in dat de eigenaar of houder verplicht is de hond te voorzien van een muilkorf die:
- vervaardigd is van stevige kunststof, van stevig leer of van beide stoffen;
- door middel van een stevige leren riem zodanig rond de hals is aangebracht dat verwijdering zonder toedoen van een mens niet mogelijk is; en
- zodanig is ingericht dat de hond niet kan bijten, dat de afgesloten ruimte binnen de korf een geringe opening van de bek toelaat en dat gen scherpe delen binnen de korf aanwezig zijn.
**2..** Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen op of aan de weg of op het terrein van een ander:
a. Anders dan kort aangelijnd nadat de burgemeester aan de eigenaar of de houder van de hond, in verband met het gedrag van de hond, een kort aanlijngebod heeft opgelegd;
b. Anders dan kort aangelijnd en voorzien van een muilkorf nadat de burgemeester aan de eigenaar of de houder van de hond, in verband met het gedrag van de hond, een kort aanlijn- en muilkorfgebod heeft opgelegd;
**3..** Het is de eigenaar of houder van een hond of degene die een of meer dieren onder zijn hoede heeft verboden deze te laten verblijven/lopen op of aan de weg of op een terrein van een ander, terwijl er geen voorzorgsmaatregelen zijn genomen die naar aanleiding van het opgelegde gebod door de burgemeester, als bedoeld in lid 1 sub 1 of sub 2, mogen worden verwacht om te voorkomen dat deze dieren voor de omgeving hinderlijk zijn;
**4..** Onverminderd het bepaalde in artikel 2E:19 lid 1 sub d, dient een hond als bedoeld in het tweede lid onder punt 1. en 2. voorzien te zijn van een door de bevoegde minister op aanvraag verstrekt uniek identificatienummer door middel van een microchip die met een chipreader afleesbaar is.
**5..** Naast de geboden van lid 2 onder punt 1. en 2. kan aan de eigenaar of houder worden opgedragen samen met de hond deel te nemen aan een (honden)gedragstraining.
**6..** Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing voor zover een landelijke geldende regeling van toepassing is.
Hoofdstuk 2E: › Afdeling 3:
Artikel 2E:22
Gevaarlijke honden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Kerkrade 2011