Naar hoofdinhoud

Artikel 73.5.2

Opschorten invorderingsmaatregelen na verzoek MSNP

Onderdeel van Leidraad invordering gemeentelijke belastingen 2010

Vanaf het moment van ontvangst van een afschrift van de stabilisatie-overeenkomst neemt de ontvanger gedurende vier maanden geen dwanginvorderingsmaatregelen. Lopende invorderingsmaatregelen schort de ontvanger op, zo nodig in overleg met de schuldhulpverlener. Voorts vindt verrekening alleen plaats met teruggaven die betrekking hebben op belasting die (materieel) is ontstaan tot en met de dag waarop het afschrift van de stabilisatieovereenkomst is ontvangen. Als zich bijzondere omstandigheden voordoen kan de voormelde termijn door de schuldhulpverlener in overleg met de ontvanger met maximaal vier maanden worden verlengd. Als vier maanden na het sluiten van de stabilisatie-overeenkomst of na afloop van de verlenging van de stabilisatie-periode de schuldhulpverlener de ontvanger niet schriftelijk heeft geïnformeerd dat een schuldregelingsovereenkomst tot stand is gekomen, hervat de ontvanger de invordering. Mocht een schuldregelingsovereenkomst tot stand zijn gekomen en de ontvanger is daaromtrent door de schuldhulpverlener geïnformeerd, dan handelt de ontvanger gedurende maximaal vier maanden na het sluiten van de overeenkomst overeenkomstig het beleid dat geldt gedurende de looptijd van de stabilisatieovereenkomst. Als uiterlijk vier maanden na het sluiten van de schuldregelingsovereenkomst de schuldhulpverlener de ontvanger niet schriftelijk heeft geïnformeerd dat de schuldregelingsovereenkomst wordt voortgezet, hervat de ontvanger de invordering.

Rechtspraak bij dit artikel