**1.** Voor de toepassing van deze regeling en de
uitwerkingsovereenkomst wordt niet als ambtenaar beschouwd:
het onderwijzend personeel bij een inrichting van
openbaar onderwijs;
het onderwijsondersteunend personeel bij een inrichting
van openbaar onderwijs, indien zij belanghebbenden zijn
in de zin van het Rechtspositiebesluit
onderwijspersoneel;
de (buitengewoon) ambtenaar van de burgerlijke stand als
zodanig;
de onbezoldigd gemeenteambtenaar als genoemd in artikel
231, tweede lid, onderdeel b, c, d en e van de
Gemeentewet;
de directeur van de RDW Dienst Wegverkeer die tevens is
benoemd tot onbezoldigd ambtenaar der gemeentelijke
belastingen;
de onbezoldigd gemeenteambtenaar die toezichthouder is
zonder opsporingsbevoegdheid;
de onbezoldigd gemeenteambtenaar die toezichthouder is
met opsporingsbevoegdheid;
hij die een indicatie heeft voor de sociale
werkvoorziening en op grond daarvan op basis van een
arbeidsovereenkomst in dienst is van de gemeente, met
uitzondering van de geïndiceerde die werkzaam is bij de
gemeente in het kader van begeleid werken als bedoeld in
artikel 7 van de Wet sociale werkvoorziening;
de ambtenaar als bedoeld in artikel 1.1, onder
“medewerker”, van de sector-cao Ambulancezorg.
**2.** Voor toepassing van onderdeel f of g van het eerste lid is,
afhankelijk van de lokale bevoegdheidsverdeling tussen het
georganiseerd overleg en de ondernemingsraad, overeenstemming
vereist is in het georganiseerd overleg of instemming vereist
van de ondernemingsraad.
**3.** Op de ambtenaar die aangesteld is als vrijwilliger bij de
gemeentelijke brandweer is alleen hoofdstuk 19 en hoofdstuk 19a
van toepassing.