Bij de invoering van het nieuwe hoofdstuk 3 CAR per 1
januari 2016, zijn de met dat hoofdstuk corresponderende
terminologie en verwijzingen in de overige hoofdstukken van
de CARUWO aangepast. Dat geldt niet voor dit hoofdstuk; dat
is in ongewijzigde vorm gehandhaafd. E.e.a. betekent dat
voor verwijzingen en de betekenis van gehanteerde begrippen
in dit hoofdstuk, de CARUWO van vóór 1 januari 2016 moet
worden geraadpleegd.
Hoofdstuk 11 is niet van toepassing op de ambtenaar of
arbeidscontractant die ontslagen is met ingang van 1 januari
2001 of later. (Zie ook artikel 11:32 lid 1.)
**1.** In dit hoofdstuk wordt verstaan onder betrokkene: de gewezen
ambtenaar aan wie ontslag is verleend:
op grond van artikel 8:4 of artikel 8:5 uit een
betrekking waarin hij tijdelijk was aangesteld, terwijl
die aanstelling minder dan vijf jaren heeft geduurd dan
wel is geschied in een betrekking van kennelijk
tijdelijke aard;
op een andere grond genoemd in hoofdstuk 8 van deze
regeling, met uitzondering van artikel 8:9, mits dat
ontslag niet op eigen verzoek is geschied en evenmin aan
eigen schuld of toedoen is te wijten; en die aan dat
ontslag geen recht op een uitkering ingevolge artikel
8:3 kan ontlenen.
**2.** Onder betrokkene in de zin van dit hoofdstuk kan tevens worden
verstaan de gewezen ambtenaar die ontslag heeft gevraagd omdat
hij of zij de echtgenoot of geregistreerde partner volgt die
door geheel buiten hem of haar liggende oorzaken noodzakelijk
van standplaats moet veranderen.