**1.** De ambtenaar die ongeschikt is voor de vervulling van zijn
functie wegens ziekte of gebrek kan ontslag verleend worden
indien hij zonder deugdelijke grond weigert:
gevolg te geven aan door het college of een door hem
aangewezen deskundige gegeven redelijke voorschriften en
mee te werken aan door het college of een door hem
aangewezen deskundige getroffen maatregelen om hem in
staat te stellen de eigen of passende arbeid te
verrichten, als bedoeld in artikel 7:9;
arbeid als bedoeld in artikel 7:11, tweede lid te
verrichten waartoe het college hem in de gelegenheid
stelt;
zijn medewerking te verlenen aan het opstellen,
evalueren en bijstellen van een plan van aanpak als
bedoeld in artikel 25, tweede lid, van de WIA;
een uitkering op grond van de WIA aan te vragen.
**2.** Om te beoordelen of er sprake is van een situatie als bedoeld
in het eerste lid, wint het college een hierop betrekking
hebbend advies van het UWV in.