**1.** In dit artikel wordt onder oude bezoldiging verstaan de optelsom
van:
het salaris, als bedoeld in artikel 3:1, tweede lid,
sub b,
de vakantieuitkering,
de eindejaarsuitkering,
de functioneringstoelage,
de waarnemingstoelage en
de in de lokale bezoldigingsverordening genoemde andere
toelagen en emolumenten, voor zover die aan de ambtenaar
zijn toegekend, berekend over een periode van 12 maanden
onmiddellijk voorafgaande aan het begin van de tweede
loopbaan.
**2.** Indien een keuze van de ambtenaar leidt tot een wijziging van
de feitelijke uitbetaling van de bezoldiging genoemd in artikel
3:1, tweede lid, onderdeel c, werkt die wijziging van de
feitelijke uitbetaling van de bezoldiging genoemd in artikel
3:1, tweede lid, onderdeel c door in de oude bezoldiging
**3.** In afwijking van het tweede lid werkt een verhoging of verlaging
van de feitelijke uitbetaling van de bezoldiging genoemd in
artikel 3:1, tweede lid, onderdeel c bij uitruil in het kader
van de uitwisseling van arbeidsvoorwaarden genoemd in hoofdstuk
4a niet door in de oude bezoldiging.
**4.** De ambtenaar die binnen de organisatie van de gemeente de tweede
loopbaan begint, krijgt een garantietoelage ter hoogte van het
negatieve verschil tussen het oude en het nieuwe salaris. Het
oude salaris wordt niet geïndexeerd met de generieke
salarisverhoging, zoals deze in de gemeentelijke sector wordt
overeengekomen.
**5.** Op de garantietoelage wordt een vermindering toegepast tot het
bedrag waarmee het nieuwe salaris en eventuele toelagen en
vergoedingen, behorende bij de nieuwe functie, samen met de
garantietoelage de oude bezoldiging overstijgt. De oude
bezoldiging wordt niet geïndexeerd met de generieke
salarisverhoging, zoals deze in de gemeentelijke sector wordt
overeengekomen.
**6.** De ambtenaar die als gevolg van de tweede loopbaan binnen de
organisatie van de gemeente de toelagen en vergoedingen
verliest, die behoorden bij de bezwarende functie, krijgt een
aflopende afbouwtoelage ter hoogte van een percentage van het
verschil tussen de oude toelagen en vergoedingen en eventuele
toelagen en vergoedingen die bij de nieuwe functie behoren. De
afbouwtoelage bedraagt:
het eerste jaar 100%;
het tweede jaar 75%;
het derde jaar 50%;
het vierde jaar 25%.
De oude toelagen en vergoedingen worden niet geïndexeerd met de
generieke salarisverhoging, zoals deze in de gemeentelijke
sector wordt overeengekomen.
**7.** Op de afbouwtoelage wordt een vermindering toegepast tot het
bedrag waarmee het nieuwe salaris en eventuele toelagen en
vergoedingen, behorende bij de nieuwe functie, samen met de
garantietoelage en de afbouwtoelage de oude bezoldiging
overstijgt. De oude bezoldiging wordt niet geïndexeerd met de
generieke salarisverhoging, zoals deze in de gemeentelijke
sector wordt overeengekomen.
**8.** De ambtenaar die een tweede loopbaan begint buiten de
organisatie van de gemeente ontvangt een afkoopbedrag ter hoogte
van 175% van het verschil tussen de oude bezoldiging en het
nieuwe jaarsalaris, inclusief eventuele toelagen en
vergoedingen. Het nieuwe jaarsalaris, inclusief eventuele
toelagen en vergoedingen, wordt berekend naar het bedrag dat
voor de ambtenaar bij indiensttreding bij de nieuwe werkgever is
vastgesteld.