Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2

Artikel 2.10

Overschrijving vergunning (“erfrecht”)

Onderdeel van Verordening op de warenmarkt voor de gemeente Alblasserdam 2000

Ingeval van overlijden dan wel blijvende arbeidsongeschiktheid van de vergunninghouder kan de vergunning voor de vaste plaats worden overgeschreven op de achterblijvende echtgenoot, de geregistreerde partner of de levenspartner van de vergunninghouder. Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het eerste lid, kan een kind van de vergunninghouder vergunning voor een vaste plaats indien hij tenminste drie jaar in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende eenzelfde periode als mede-eigenaar in dit bedrijf heeft gefunctioneerd en zich heeft laten inschrijven op de wachtlijst. Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het eerste of tweede lid, kan een medewerker van de vergunninghouder een vaste plaats krijgen indien hij ten minste drie jaar onafgebroken in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende dezelfde periode als mede-eigenaar in het marktbedrijf heeft gefunctioneerd. Bij notariële akte dient dan aangetoond te worden dat de onderneming in eigendom van de medewerker is overgegaan en dat de marktplaats geen economische factor in de overname is. Bovendien dient de werknemer of de mede-eigenaar ingeschreven te zijn op de wachtlijst. Een aanvraag tot inschrijving wordt ingediend binnen twee maanden na het overlijden van de vergunninghouder dan wel nadat de blijvende arbeidsongeschiktheid is vastgesteld. Het college is bevoegd,  in bijzondere omstandigheden,  af te wijken van het bepaalde in dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel