**1..** Onverminderd artikel 2, derde lid, wordt de maatregel vastgesteld op:
bij gedragingen van de eerste categorie: 10% van de grondslag gedurende de duur van de tekortkoming met een minimum van een maand;
bij gedragingen van de tweede categorie: 20% van de grondslag gedurende de duur van de tekortkoming met een minimum van een maand;
bij gedragingen van de derde categorie: 40% van de grondslag gedurende de duur van de tekortkoming met een minimum van een maand.
**2..** Indien de tekortkoming het gevolg is van een eenmalige handeling of gebeurtenis en de maatregel niet voor de duur van de tekortkoming kan worden opgelegd, wordt de maatregel opgelegd voor een individueel te bepalen periode met een minimum van een maand.
Hoofdstuk II.
Artikel 9
- Hoogte van de maatregel
Onderdeel van Afstemmingsverordening IOAW ISD BOL 2011