**1..** Indien voorafgaand aan dan wel ten tijde van de bijstandsverlening over een vermogen kon worden beschikt boven het bescheiden vrij te laten vermogen conform artikel 34 lid 2 sub b en lid 3 van de Wet werk en bijstand en hierop is ingeteerd op een wijze die getuigt van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan wordt een maatregel opgelegd.
**2..** Deze maatregel heeft een hoogte van 20 procent van de bijstandsnorm voor de duur van het aantal maanden dat geen beroep op bijstand mogelijk zou zijn geweest indien wel aan de verplichting was voldaan. Dit met een maximum van 36 maanden.
Hoofdstuk 4.
Artikel 14
- Onverantwoord interen op vermogen
Onderdeel van Afstemmingsverordening WWB ISD BOL 2011