De inkomensgrenzen op basis waarvan financiële toetsen worden gemaakt, zijn gebaseerd op de inkomensgrenzen zoals geformuleerd in het landelijk Besluit artikel 4.1. Deze bedragen worden jaarlijks geïndexeerd en verschijnen in de Staatcourant en worden ook via de VNG en Schulinck verspreid.
De berekeningssystematiek voor het vaststellen van de grensbedragen voor tariefbepaling CVV is als volgt: anderhalf maal het norminkomen volgens het landelijk Besluit artikel 4.1.