**1..** Onverminderd het bepaalde in artikel 4:48 en 4:50 Awb kan, zolang de subsidie niet is vastgesteld, het gemeentebestuur de subsidieverlening ten nadele van de instelling wijzigen c.q. intrekken indien:
de instelling aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorwaarden, niet of slechts in gebrekkige mate voldoet;
de instelling onjuiste of onvolledige gegevens verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid;
de subsidietoekenning anderszins onjuist was en de instelling dit wist of behoorde te weten;
er sprake is van opheffing, faillissement of surseance van betaling van de instelling;
de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld.
**2..** Alvorens het gemeentebestuur een besluit als bedoeld in het eerste lid neemt, treden burgemeester en wethouders in overleg met de instelling.
**3..** De wijziging of intrekking werkt terug tot en met het tijdstip waarop het subsidie is verleend, tenzij bij de wijziging of intrekking anders is bepaald.
**4..** Van het voornemen tot opheffing, faillissement of surseance van betaling van de instelling, dient de instelling onverwijld schriftelijk kennis te geven aan burgemeester en wethouders.
**5..** Het gemeentebestuur kan de subsidievaststelling intrekken of ten nadele van de ontvanger wijzigen op de in artikel 4:49 Awb vermelde gronden.
Hoofdstuk 5
Artikel 19
Wijziging, intrekking
Onderdeel van Algemene Subsidieverordening voor professionele instellingen 2003