Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 19

Wijziging, intrekking

Onderdeel van Algemene Subsidieverordening voor professionele instellingen 2003

1.. Onverminderd het bepaalde in artikel 4:48 en 4:50 Awb kan, zolang de subsidie niet is vastgesteld, het gemeentebestuur de subsidieverlening ten nadele van de instelling wijzigen c.q. intrekken indien: de instelling aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorwaarden, niet of slechts in gebrekkige mate voldoet; de instelling onjuiste of onvolledige gegevens verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een andere beschikking op aanvraag tot subsidieverlening zou hebben geleid; de subsidietoekenning anderszins onjuist was en de instelling dit wist of behoorde te weten; er sprake is van opheffing, faillissement of surseance van betaling van de instelling; de gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld. 2.. Alvorens het gemeentebestuur een besluit als bedoeld in het eerste lid neemt, treden burgemeester en wethouders in overleg met de instelling. 3.. De wijziging of intrekking werkt terug tot en met het tijdstip waarop het subsidie is verleend, tenzij bij de wijziging of intrekking anders is bepaald. 4.. Van het voornemen tot opheffing, faillissement of surseance van betaling van de instelling, dient de instelling onverwijld schriftelijk kennis te geven aan burgemeester en wethouders. 5.. Het gemeentebestuur kan de subsidievaststelling intrekken of ten nadele van de ontvanger wijzigen op de in artikel 4:49 Awb vermelde gronden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel