De aanvrager kan voor een overige individuele voorziening als bedoeld in artikel 4.1
sub c. in aanmerkingen komen als:
Als de gemeente in samenspraak met de persoon met beperkingen bepaalt dat de
individuele voorzieningen als bedoeld in artikel 4.1 sub a en b geen toereikende
oplossing bieden voor de hulpvraag die de persoon met beperkingen heeft,en
de alternatieve voorziening bijdraagt aan het voeren van een huishouden, en
deze alternatieve oplossing (medisch) verantwoord is,en
deze alternatieve oplossing geen onevenredig hoge kosten met zich meebrengt.
Afdeling II › Hoofdstuk 4
Artikel 4.16
Recht op overige voorzieningen voor het voeren van een huishouden
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2011