De persoon met beperkingen kan voor Hulp bij het huishouden als bedoeld in artikel
4.1 sub a. in aanmerking komen indien het zelf uitvoeren van één of meer
huishoudelijke taken onmogelijk is door:
aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek, inclusief een chronisch
psychisch en/of psychosociaal probleem of
problemen bij het uitvoeren van hulp bij het huishouden door de
mantelzorger.
Afdeling II › Hoofdstuk 4
Artikel 4.2
recht op hulp bij het huishouden
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2011