De persoon met beperkingen kan voor een alternatieve individuele voorziening als
bedoeld in artikel 7.1 sub c in aanmerking komen als:
de gemeente na samenspraak met de persoon met beperkingen bepaalt dat de
individuele voorzieningen als bedoeld in artikel 7.1 sub a en sub b geen
toereikende oplossing bieden voor de hulpvraag die de persoon met beperkingen
heeft, en
de alternatieve voorziening bijdraagt aan het ontmoeten van medemensen en het
aangaan van sociale verbanden, en
deze alternatieve oplossing (medisch) verantwoord is, en
deze alternatieve oplossing geen onevenredig hoge kosten met zich
meebrengt.
Afdeling II › Hoofdstuk 7
Artikel 7.5
Recht op alternatieve individuele voorzieningen voor het ontmoeten van medemensen en het aangaan van sociale verbanden
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2011