De raad ontslaat de voorzitter en de overige leden of stelt hen op non-actief:
bij een verzoek daartoe ingediend door de voorzitter of een lid zelf;
bij de aanvaarding van een functie die naar het oordeel van de raad onverenigbaar is met het lidmaatschap van de rekenkamercommissie;
als de raad van oordeel is dat de voorzitter of een lid niet langer geschikt is om zijn functie te vervullen. Hierbij besluit de raad met een gekwalificeerde meerderheid van tweederde van de aanwezige leden;
indien de voorzitter of het lid bij onherroepelijk geworden gerechtelijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft;
indien de voorzitter of het lid bij onherroepelijk geworden gerechtelijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld;
indien de voorzitter of het lid door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt is zijn functie te vervullen;
indien de raad besluit tot een andere invulling van de rekenkamerfunctie.