Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 11

Premies levensverzekering/pensioenregeling

Onderdeel van Uitvoeringsregeling Spaarloon 2005

Lid 1 De in artikel 9 lid b bedoelde overeenkomst van levensverzekering moet: een lijfrente zijn als bedoeld in artikel 3.124, onderdeel b en artikel 3.125, eerste lid, onderdeel a, c en d van de Wet inkomstenbelasting 2001, aangegaan met een verzekeraar als bedoeld in artikel 3.126 van de Wet inkomstenbelasting 2001, en onbezwaard deel uitmaken van het vermogen van de Deelnemer of dat van zijn echtgenoot, mits de termijnen voor de lijfrente, behoudens in geval van overlijden, niet eerder kunnen ingaan dan in het vijfde jaar nadat de premies zijn voldaan, of; een overeenkomst van levensverzekering zijn waarbij een kapitaalsuitkering bij in leven zijn is verzekerd, eventueel met een vrijstelling van premiebetaling bij invaliditeit, ziekte of ongeval, mits de polis onbezwaard deel uitmaakt van het vermogen van de Deelnemer of dat van zijn Partner en voldoet aan de eisen van artikel 8 lid 2 van de Uitvoeringsregeling. Lid 2 Voor de toepassing van dit artikel worden mede aangemerkt als ingevolge een overeenkomst van levensverzekering verschuldigde premies: regelmatige inleggingen waartoe de Deelnemer of zijn Partner zich ingevolge een overeenkomst tot sparen met levensverzekering heeft verplicht. Het eerste lid van dit artikel vindt overeenkomstig toepassing. Lid 3 Rechtstreekse betalingen van premies voor levensverzekeringen als bedoeld in het eerste lid en van inleggingen voor een spaarovereenkomst als bedoeld in het tweede lid, door de Deelnemer mogen voor de toepassing van dit artikel worden gelijkgesteld met ten laste van de Centraal Beheer Achmea Spaarloon Rekening voldane premies mits de opname geschiedt binnen zes maanden na de verschuldigdheid van de premie. Lid 4 Bedragen die worden ingehouden op het loon als vrijwillig te betalen premies ingevolge een pensioenregeling mogen voor de toepassing van dit artikel worden gelijkgesteld met bestedingen ten laste van de Centraal Beheer Achmea Spaarloon Rekening. Lid 5 Het Spaarloon mag ook rechtstreeks worden aangewend ter voldoening van door de Deelnemer vrijwillig te betalen premies ingevolge een pensioenregeling. Lid 6 Bij rechtstreekse betalingen door de Werkgever van vrijwillig door de Deelnemer betaalde premies voor een pensioenverzekering als bedoeld in artikel 9 (b) treedt de Werkgever op als uitvoerder van de Spaarloonregeling. Lid 7 Bij de inhouding van de vrijwillige pensioenpremie op het brutoloon zal het met de vrijwillige pensioenpremie corresponderende totaal van Spaarloon worden gedeblokkeerd en aan het nettoloon van de Deelnemer worden toegevoegd. De Werkgever kan bij gebruikmaking van rechtstreekse betaling de eis stellen dat het Spaarloonbedrag niet meer mag bedragen dan de vrijwillige pensioenpremie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel